Na extrapolatie van LMN-kengetallen met arealen uit de verzamelaanvraag komt het geschatte kunstmestgebruik door de gespecialiseerde akkerbouwbedrijven in 2024 op 6,1 miljoen kg kalium (K). Dat is 27% van het totale K-gebruik. In de periode 2019-2022 is het gebruik vrij stabiel, maar ten opzichte van 2023 stijgt het met 10% en ten opzichte van 2015 met 58%.
De meeste K komt terecht op aardappelen (53%), maïs (15%), groenten openlucht (12%), bieten (8%), grasland en grasklaver (7%) en granen (3%).
De LMN-kengetallen van de belangrijkste gewassen zijn terug te vinden op de algemene pagina over K-kunstmeststof.