Eind 2025 bedroeg de biologische oppervlakte in Vlaanderen 10.483 hectare, wat een stijging is met 2,4% in verhouding tot 2024. Het aandeel van het bioareaal in de totale oppervlakte cultuurgrond in Vlaanderen blijft stabiel op 1,7% (cf. landbouwcijfers 2025 van Statbel). 

Aan het eind van 2025 omvatte het totale biologisch areaal (percelen in omschakeling en volledig biologisch) in Vlaanderen 10.483 hectare, wat een stijging is met 2,4% tegenover het voorgaande jaar. In 10 jaar tijd is het Vlaams bioareaal met de helft toegenomen. 83% van de bio-oppervlakte is volledig biologisch, de overige 17% is areaal in omschakeling naar bio. De grootste bioarealen vinden we in de provincies West- en Oost-Vlaanderen: samen vertegenwoordigen zij de helft van de totale biologische oppervlakte in Vlaanderen. Limburg en Vlaams-Brabant hebben het hoogste bioaandeel in hun totale landbouwareaal (2,1%), West-Vlaanderen heeft het laagste bioaandeel (1,4%). Het aandeel van het bioareaal in de totale oppervlakte cultuurgrond in Vlaanderen blijft stabiel op 1,7% (cf. landbouwcijfers 2025 van Statbel).

Op gemeentelijk niveau zien we meerdere clusters met een hoger dan gemiddeld aandeel aan bio-oppervlakte. In het grensgebied tussen Hageland, de lage Kempen en Haspengouw, evenals in de regio Kempen & Maasland, Dijleland en de Westhoek liggen meerdere steden en gemeenten met meer dan 2,5% aan bioareaal. Ook gemeenten in de Voorkempen en op de scheiding van de Vlaamse Ardennen en regio Schelde-Durme, evenals gemeenten in de regio Pajottenland & Zennevallei tekenen hogere percentages aan bioareaal op dan gemiddeld.

Tot het jaar 2024 werden percelen toegekend aan de gemeente waar de bedrijfszetel gevestigd was. Vanaf 2024 rapporteren we de werkelijke ligging van het perceel.

Dit is een Vlaamse openbare statistiek: land- en tuinbouwbedrijven.