De Vlaamse gespecialiseerde akkerbouwbedrijven kennen in 2024 een geschat gebruik van 0,6 miljoen kg actieve stof aan gewasbeschermingsmiddelen, waarvan 43% herbiciden. 13% van de actieve stof is afkomstig van producten toegelaten in de biologische landbouw.
Het geschatte gebruik van gewasbeschermingsmiddelen door de gespecialiseerde akkerbouwbedrijven komt in 2024 op 610 ton actieve stof. Dat is 24% van het totale gebruik door de Vlaamse land- en tuinbouw. Ten opzichte van 2023, jaar met hoogste gebruik van de laatste 10 jaar, werden er 5% minder middelen gebruikt, ten opzichte van 2015 27% meer. Dat blijkt na extrapolatie van de kengetallen uit het Landbouwmonitoringsnetwerk (LMN) met de arealen uit de verzamelaanvraag.
In 2024 geldt de volgende verdeling van de kg actieve stof over de toepassingsgroepen: 43% herbiciden, 35% fungiciden (waarvan 1% toegelaten in de biologische landbouw), 14% andere (waarvan 5% biologische producten) en 9% insecticiden (waarvan 7% biologische producten). De andere gewasbeschermingsmiddelen bevatten o.a. groeiregulatoren voor graangewassen (om stengelgroei en legering door wind en regen af te remmen) en kiemremmers voor aardappelen.
In totaal werden er 13% biologische producten gebruikt en dit aandeel is vrij stabiel in de tijd.
De LMN-kengetallen van de belangrijkste gewassen zijn terug te vinden op de algemene pagina over gewasbescherming.