Landbouwers zijn iets positiever gestemd dan zes maanden geleden. De landbouwconjunctuurindex steeg in het najaar van 2026 van 75 naar 79. De verwachtingen voor de komende zes maanden verbeteren, maar tegelijk wordt de sector geconfronteerd met meer belemmeringen dan ooit sinds de start van de bevraging. Aanhoudende geopolitieke spanningen en extreme weersomstandigheden, zoals hitte en langdurige droogte, blijven zwaar wegen op de bedrijfsvoering.

In het najaar van 2026 steeg de landbouwconjunctuurindex licht van 75 naar 79. De tevredenheid over de voorbije zes maanden bleef nagenoeg stabiel (73 tegenover 74 in het voorjaar), terwijl het toekomstperspectief toenam van 77 naar 84.

Aanhoudende geopolitieke spanningen, onder meer door de oorlogen in Oekraïne en het Midden-Oosten, zorgen internationaal voor hogere prijzen van graan, energie, transport en kunstmest. Daarnaast leidden de hitte en droogte tot opbrengstverliezen en kwaliteitsproblemen in verschillende teelten.

De conjunctuurindex weerspiegelt het sentiment onder landbouwers: hoe beoordelen zij de afgelopen periode en wat verwachten zij van de toekomst? De index varieert van 0 (alle landbouwers zeer negatief) tot 200 (alle landbouwers zeer positief). Een waarde van 100 betekent dat er evenveel positieve als negatieve antwoorden zijn.

Deze resultaten zijn gebaseerd op een enquête die tweemaal per jaar wordt afgenomen bij deelnemers van het Landbouwmonitoringsnetwerk (LMN) van het Agentschap Landbouw en Zeevisserij. De resultaten zijn geëxtrapoleerd naar de volledige landbouwpopulatie. In september 2026 namen 470 landbouwers deel aan de enquête.

Binnen de landbouwdeelsectoren verbeterde het vertrouwen enkel in de akkerbouw en de melkveehouderij. Na de recordoogsten en lage aardappelprijzen van 2025 werd het aardappelareaal teruggeschroefd, waardoor landbouwers rekenen op een gunstigere marktsituatie. Voor granen compenseren hogere marktprijzen gedeeltelijk de lagere opbrengsten als gevolg van de droogte. Ook de wereldmarkt voor suikerbieten vertoont tekenen van herstel. Melkveehouders verwachten dat de melkprijs opnieuw zal aantrekken na een zwakke eerste helft van 2026. In de varkenshouderij blijft het vertrouwen onder druk staan door exportbeperkingen richting China en de uitbraak van Afrikaanse varkenspest bij wilde zwijnen in Spanje.

Binnen de tuinbouwdeelsectoren zijn de vooruitzichten vooral verbeterd bij de openluchtgroenten en de sierteelt onder glas. Producenten van openluchtgroenten rekenen op een betere prijsvorming doordat het areaal van verschillende gewassen afnam. Bedrijven die niet konden irrigeren, kregen door de droogte te maken met bijkomende productieverliezen. Ook in de tomatenteelt veroorzaakte de hitte problemen bij de vruchtzetting, wat leidde tot kwaliteitsverlies. In de sierteelt onder glas blijven de afzetmogelijkheden en prijzen relatief gunstig, ondanks de impact van de droogte.

In de voorbije zes maanden ondervond 92% van de land- en tuinbouwers minstens één belangrijke belemmering. Dat is het hoogste aandeel sinds de start van de bevraging in 2007.

Zoals gebruikelijk in de najaarsenquête namen de weersgerelateerde problemen sterk toe. 78% van de bedrijven signaleerde het weer als belemmering, het hoogste niveau sinds 2015. De drie hittegolven in 2026 leidden tot hogere sterftecijfers bij dieren. De aanhoudende droogte veroorzaakte problemen bij de vruchtzetting en zorgde voor een versnelde afrijping van gewassen, wat in verschillende sectoren resulteerde in kwaliteitsverlies en lagere opbrengsten. Bovendien beschikken niet alle bedrijven over irrigatiemogelijkheden, waardoor de gevolgen van de droogte niet overal konden worden opgevangen.

Belemmeringen door overheidsmaatregelen daalden licht naar 40%, maar blijven de tweede meest vermelde uitdaging. Vooral melkvee-, vleesvee- en varkensbedrijven ervaren hinder door de onzekerheid rond milieuregelgeving, stikstofbeleid en administratieve verplichtingen.

Financiële problemen namen verder toe en werden gemeld door 26% van de bedrijven. Deze problematiek komt het vaakst voor in de varkenshouderij, de vleesveehouderij, de openluchtgroenteteelt en de akkerbouw. De moeilijke prijsvorming in verschillende sectoren en de aanhoudend hoge kosten voor energie, arbeid en productiemiddelen spelen hierbij een belangrijke rol.

Het aandeel bedrijven die afzetproblemen ervaren, daalde naar 16%. Deze problemen worden het vaakst gemeld in de sierteelt onder glas, de fruitteelt en de varkenshouderij. Het aandeel bedrijven die hinder ondervinden van dier- of plantziekten bleef stabiel op 13%.

Het aandeel land- en tuinbouwers die het komende jaar investeringen plannen, daalt tot 36%. De investeringsplannen richten zich vooral op gebouwen en installaties (24%). Werktuigen en machines blijven het tweede belangrijkste investeringsdomein, maar dalen voor het tweede jaar op rij tot 16%. Verder overweegt 11% van de bedrijven te investeren in grond, terwijl slechts 3% plannen heeft rond productie- en leveringsrechten.