De biologische landbouw in Vlaanderen blijft groeien in 2020. Het aantal biologische landbouwbedrijven stijgt, het bioareaal breidt gestaag uit en de bioveestapel wordt groter. Ook de biologische keten ontwikkelt zich verder. 

In 2020 telde Vlaanderen 593 biologische landbouwbedrijven. Dat zijn er 6% meer dan in 2019. Er waren 55 nieuwkomers, terwijl 27 landbouwers hun bioproductie in 2020 hebben stopgezet. Het merendeel van de nieuwe bioboeren focuste zich op biologische akkerbouw, groente- en fruitteelt.

Het bioareaal bedroeg in 2020 9.124 hectare (+5%) en maakte ongeveer 1,5% uit van de totale Vlaamse landbouwoppervlakte. Ruim drie vierde hiervan was al biologisch, een kwart was areaal in omschakeling. West-Vlaanderen en Vlaams-Brabant waren de provincies met de sterkste toename in bio-oppervlakte. Grasland, voedergewassen en groenbedekkers waren de belangrijkste teeltgroepen, maar akkerbouw won vorig jaar terrein.

29% van de Vlaamse biolandbouwbedrijven was actief in de biologische dierlijke productie, al dan niet gecombineerd met plantaardige productie. De totale biologische veestapel nam toe met 4% ten opzichte van 2019. Vooral het aantal biovarkens en biogeiten vertoonde een aanzienlijke groei.

Eind 2020 waren 1.325 bedrijven (excl. producenten) actief als bereider, verdeler, verkooppunt, importeur en/of exporteur van biologische producten. Dat is een stijging met bijna 9% tegenover 2019. In vijf jaar tijd is het aantal bedrijven in de bioketen toegenomen met ruim 46%. De bereiding van bioproducten bleef de vaakst voorkomende marktactiviteit.

In 2020 is de totale overheidssteun specifiek voor de biosector gestegen tot 4,8 miljoen euro. Ruim de helft van deze overheidsuitgaven was gericht op de stimulering van de biologische landbouw met de biohectaresteun als uitschieter. De overheidssteun voor onderzoek, ontwikkeling, voorlichting en kennisuitwisseling in de biosector bedroeg in 2020 1,28 miljoen euro.

De totale biobestedingen aan voeding, dranken, drogmetica en non-food groeiden in 2020 met 14% tot 350 miljoen euro. Het marktaandeel bleef in Vlaanderen stabiel op 2,2%, wat lager was dan in Wallonië (4,5%). De Vlaamse bestedingen aan biologische versproducten namen toe tot 229 miljoen euro. Het marktaandeel van biologische verse voeding stabiliseerde op 2,6%.

Negen op de tien Vlaamse consumenten kopen op jaarbasis minstens eenmaal een vers bioproduct. Alleenstaanden ouder dan 40 jaar en welgestelde gepensioneerden hebben met een bioaandeel van 5% het hoogste percentage biologische aankopen in hun bestedingen aan verse voeding. De klassieke supermarkt blijft het grootste biokanaal. De hoevewinkel en de boerenmarkt zijn de kanalen met het hoogste aandeel aan bioproducten in hun assortiment.

Lees ook de vorige biorapporten:

Indien gewenst kunnen oudere versies van het rapport worden opgevraagd via het vragenformulier. De edities van ‘De biologische landbouw in Vlaanderen’ gaan terug tot het jaar 2005.